Skip to Content

Een patiënte neemt al enkele weken Promagnor (magnesiumoxide) voor krampen in de benen. Zijn er andere magnesiumpreparaten die minder laxerend werken dan magnesiumoxide?

Men moet ervan uitgaan dat alle magnesiumvormen een relaxerend effect hebben.

Diarree kan heel wat oorzaken hebben. We zetten ze kort even op een rijtje:

  • Inname van ongewoon hoge hoeveelheden weinig absorbeerbare en osmotisch werkende substanties zoals mannitol, sorbitol, lactulose of magnesiumzouten (osmotische diarree).
  • Toename van de intestinale ionensecretie of een inhibitie van de actieve ionenabsorptie in de darm. Dit kan leiden tot een overmaat aan water en elektrolyten in het darmlumen en in de stoelgang (secretorische diarree).
  • Storing in de vloeistofabsorptie door activatie van adenylcyclase in de enterocyten van de dunne darm, wat de c-AMP spiegels verhoogt (vb. bisacodyl, prostaglandines)
  • Inhibitie van Na+/K+ -ATPase (vb colchicine, digoxine)
  • Verstoring in intestinale motiliteit door een verkorting van de transittijd (vb. ciaspride, erythromycine).
  • Exudatie van bloed, mucus en proteïnen in het darmlumen door beschadiging van de darmmucosa, o.a. bij darmulcera (exudative diarree)
  • Malabsorptie of slechte vertering van vet en koolhydraten.

 

Magnesium stimuleert de secretie van cholecystokinine, een hormoon dat de darmmotiliteit en de vochtsecretie stimuleert. Het is in de strikte zin van het woord een osmotisch ‘catharcticum’. Deze term nuanceert zich t.o.v. ‘laxativum’ in die mate dat een catharticum de defecatie versnelt, daar waar een laxativum de defecatie vergemakkelijkt. Klinisch is dit verschil te verwaarlozen.

 

Kwantitatieve metingen van magnesium in de stoelgang na inname van magnesiumsupplementen geeft duidelijk aan dat er een verband is tussen de hoeveelheid oplosbaar magnesium in de stoelgang en de hoeveelheid magnesium aangeleverd via voeding of supplementen. Dit laat vermoeden dat het merendeel van het toegediende magnesium niet wordt geabsorbeerd en oplost in de waterige stoelgang.

Wanneer de oorzaak van chronische diarree niet duidelijk is kan het altijd nuttig zijn een kwantitatieve meting van magnesium in de stoelgang te laten uitvoeren.

De auteurs wijzen op het belang van een goede anamnese bij de klacht van chronische diarree, waarbij voedingssupplementen en antacida zeker niet over hoofd mogen worden gezien.

 

De geraadpleegde bronnen geven geen informatie over het verschil tussen diverse magnesiumzouten. Wellicht zijn er weinig klinisch relevante verschillen.

 

Magnesiumzouten worden soms bewust bij faecale impactie voorgeschreven. In dat gevallen kunnen volgende hoeveelheden worden aangewend:

 

Magnesiumcitraat

18 g/300 ml water

Magnesiumhydroxide

2,4 à 4,8 g

Magnesiumsulfaat

10 à 30 g

 

Maar ook in lagere dosering kan de stoelgang reeds ‘vlotter’ verlopen. Uiteraard is de reactie hierop patiëntgebonden.

 

Referenties: 

 

Chassany O., Michaux A. & Bergmann J.F. Drug-induced diarrhoea. Drug Safety 2000 Jan; 22 (1): 5-72.
 
DiPiro J.T. et al. Diarrhea, constipation and irritable bowel syndrome in Pharmacotherapy. A Pathophysiological Approach.; McGraw-Hill USA; 2005 6th ed.  
 
Fine K.D., Santa Ana C.A. & Fordtran J.S. Diagnosis of magnesium-induced diarrhea. N Engl J Med 1991; 324: 1012-1017.

Auteur

Prof. apr. Lies Leemans
VUB


Uw basiskennis opfrissen met Farmamozaïek?

Zie volgende onderwerpen: De zoutlaxantia: magnesium, De verschillende antacida

Expert: 
liess4163