Skip to Content

Bij gebruik van Lanoxin wordt regelmatig een schema voorgesteld met 5 dagen nemen en 2 dagen geen Lanoxin, geeft dit niet teveel schommelingen in de digoxine spiegels?

Bij het gebruik van digitalis in poedervorm werden stopdagen ingelast in het behandelingsschema om toxiciteit door accumulatie te vermijden. Dit gebruik is absoluut verouderd en leidt inderdaad tot variabele plasmaspiegels. Met de heden beschikbare, gestandaardiseerde preparaten en een goede opvolging van de digoxinespiegels is de kans op overdosering en toxiciteit veel kleiner geworden.

Digoxine (Lanoxin®) is een geneesmiddel dat gebruikt wordt bij hartfalen of bij supraventriculaire ritmestoornissen. In beide indicaties is het gebruik van digoxine echter verouderd en zijn andere en betere alternatieven beschikbaar.

Digoxine wordt geëxtraheerd uit Digitalis lanata of het wollig vingerhoedskruid. Het is al lang gekend dat digoxine een smalle toxisch-therapeutische marge heeft en dat het risico op toxiciteit bijgevolg reëel is. Bij het gebruik van digitalis in poedervorm werden voor die reden stopdagen ingelast in het behandelingsschema. Men kon toen immers nog niet routinematig digoxinespiegels bepalen. Om te vermijden dat digoxine zou accumuleren in het lichaam werden 1 of 2 stopdagen per week ingevoerd.

Tegenwoordig gebruikt men zuivere en gestandaardiseerde preparaten, kan men gemakkelijker routinematig digoxinespiegels bepalen en is de kans op overdosering en toxiciteit dus veel kleiner. Het gebruik van stopdagen is absoluut verouderd en leidt inderdaad tot variabele plasmaspiegels. De halfwaardetijd van digoxine bedraagt immers ongeveer 36 uur bij patiënten met een normale nierfunctie. Indien 2 stopdagen worden ingevoerd, zal dit leiden tot een significante daling van de plasmaspiegel.

Digoxine dient dus iedere dag ingenomen te worden aan dezelfde dosering. De SKP van Lanoxin® vermeldt dan ook letterlijk dat geen stopdagen ingevoerd moeten worden: “0.25 – 0.5 mg per dag, indien nodig over de dag gespreid, zonder stopdagen is gebruikelijk voor patiënten met een normale nierfunctie”.

Referenties: 

[1] Belgisch Centrum voor Farmacotherapeutische Informatie. Gecommentarieerd Geneesmiddelenrepertorium. Beschikbaar via www.bcfi.be. Geraadpleegd in maart 2014.

[2] Dupont, A. Cursus Klinische Farmacologie en (inleiding tot de) Farmacotherapie. VUB 2010.

[3] Koster, M. Het digitaliseren. Ned. T. Geneesk. 1966, 110(47):2085-89.

[4] Martindale: The Complete Drug Reference. Geraadpleegd via MedicinesComplete in maart 2014.

[5] Rang HP. Dale MM. Ritter JM. Flower RJ. Henderson G. Rang and Dale’s Pharmacology. Elsevier. 2012

[6] Samenvatting Kenmerken van het Product: Lanoxin®.

[7] Prof. Dr. D. Schoors (Afdelingshoofd Cardiologie UZ Brussel): persoonlijke communicatie

Auteur:
Drs. Apr. Sara Desmaele en Prof. Dr. Apr. Stephane Steurbaut
UZ Brussel/VUB
Dienst Klinische Farmacologie & Farmacotherapie

Datum laatste actualisatie: 4 maart 2014

Expert: 
stest0865