Skip to Content

Delphi geeft een ernstige interactie tussen amiodaron en lidocaine bevattende keeltabletten. Lidocaïne valt, in hogere dosis, ook onder de anti-aritmica (bv Xylocard). Mogen we aannemen dat bij normaal gebruik keeltabletten/sprays geen probleem geven?

Lidocaïne en amiodaron zijn geneesmiddelen die kunnen aangewend worden bij cardiale aritmieën. Door een farmacodynamische interactie kunnen ze elkaars effect versterken. Doordat in keeltabletten en –sprays veel lagere dosissen lidocaïne gebruikt worden dan voor cardiale toepassing, kunnen zij bij normaal gebruik zonder gevaar gecombineerd worden met amiodaron.

Zowel lidocaïne als amiodaron zijn geneesmiddelen die onder meer aangewend kunnen worden bij cardiale aritmieën. Lidocaïne behoort tot klasse I van de anti-aritmica, maar heeft door zijn effect op de Na+-kanalen ook membraanstabiliserende eigenschappen. Het wordt bijgevolg, in lage dosis, aangewend als lokaal anestheticum, zowel in dermatologische preparaten als in bijvoorbeeld keelspray’s en –tabletten. Om een cardiaal effect uit te oefenen, dienen de therapeutische plasmaconcentraties 0,5 – 5 mg/L te bedragen. Toxische effecten treden op vanaf een concentratie van 6 mg/mL.

Amiodaron behoort tot klasse III van de anti-aritmica en oefent een effect uit door blokkering van de K+-kanalen. Dit mechanisme brengt met zich mee dat amiodaron zelf ook pro-aritmogene effecten heeft. Belangrijk om bijkomend in herinnering te brengen is dat amiodaron een lange halfwaardetijd heeft die tussen de 25 à 100 dagen ligt.

DelphiCare geeft inderdaad een interactiemelding voor de combinatie van deze geneesmiddelen. Het stelt dat ernstige gevolgen waarschijnlijk zijn en het gebruik van de combinatie van beide geneesmiddelen bijgevolg gecontra-indiceerd is.

Het mechanisme achter deze interactie is tweeledig.
Enerzijds vermoedt men dat een farmacokinetische interactie kan ontstaan doordat amiodaron de oxidatieve afbraak van lidocaïne afremt via CYP3A4 inhibitie. Er zijn echter slechts beperkte studies beschikbaar die elkaar tegenspreken waardoor dit farmacokinetische interactiemechanisme niet bewezen is voor de combinatie amiodaron-lidocaïne.
Anderzijds treedt wel een farmacodynamische interactie op die beter is gedocumenteerd. Door combinatie van beide geneesmiddelen met anti-aritmische werking zal een verhoogd risico op QT-verlenging optreden en dus ook een verhoogd risico op ventrikelaritmie en torsades de pointes. Een belangrijke opmerking hierbij is dat deze interactie dosisafhankelijk is.  

In de praktijk wordt lidocaïne nog zelden gebruikt als anti-aritmicum. Het wordt dan intraveneus toegediend via een continu infuus en komt bijgevolg zelden voor in de officina.  In geval lidocaïne wordt gebruikt in keeltabletten ligt de concentratie veel lager (ca. 50 à 100x) dan bij cardiaal gebruik. De systemische opname ligt in de grootte-orde van enkele nanogrammen, een concentratie die ver onder de ondergrens voor de cardiale effecten van lidocaïne ligt. Commentaren Medicatiebewaking stelt dan ook dat beide geneesmiddelen tegelijk mogen gebruikt worden zonder extra actie te ondernemen.

Ook in de SKP van verschillende keeltabletten met lidocaïne worden geen problemen vermeld bij normaal gebruik.

UpToDate daarentegen vermeldt wel dat ook bij topisch gebruik van lidocaïne een interactie kan plaatsvinden. Door absorptie zou lidocaïne immers het aritmogeen effect van amiodaron kunnen bevorderen. Zij geven de raad om de farmacologische effecten van amiodaron nauw op te volgen en eventueel het hartritme onder monitoring te houden. Ze vermelden daarnaast wel dat de absorptie afhankelijk is van de plaats van toediening evenals van de concentratie, frequentie en duur van het gebruik.

Ons besluit is dus dat bij normaal gebruik van keeltabletten en/of spray’s de interactie tussen lidocaïne en amiodaron niet klinisch relevant is. Enkel in geval van overmatig langdurig gebruik van lidocaïne kan dit een effect hebben op amiodaron. Het blijft dus belangrijk om de patiënten te wijzen op de maximale posologie van de verschillende producten.

Volledigheidshalve geven we nog even de risicofactoren voor torades de pointes mee. Deze zijn: bestaande hartziekten, hoge leeftijd, vrouwelijk geslacht, hypokaliëmie of –magnesemie alsook bradycardie en aangeboren QT-syndroom.

Referenties: 

[1] Belgisch Centrum voor Farmacotherapeutische Informatie. Gecommentarieerd Geneesmiddelenrepertorium. Beschikbaar via www.bcfi.be. Geraadpleegd in december 2013.

[2] Algemene Pharmaceutische Bond. DelphiCare® databank. Geraadpleegd in december 2013.

[3] Lexicomp, UpToDate™ Online, Geraadpleegd in december 2013.

[4] Dupont, A, Cursus Klinische Farmacologie en (inleiding tot de) Farmacotherapie. VUB 2010.

[5] HealthBase, Commentaren Medicatiebewaking 2010/2011.

[6] http://crediblemeds.org/everyone/composite-list-all-qtdrugs, geraadpleegd in december 2013.

[7] Samenvatting Kenmerken van het Product: Xylocard®.

[8] Samenvatting Kenmerken van het Product: Orofar®.

[9] Samenvatting Kenmerken van het Product: Medica®.

Auteurs:
Drs. Apr. Sara Desmaele en Prof. Dr. Apr. Stephane Steurbaut
UZ Brussel/VUB
Dienst Klinische Farmacologie & Farmacotherapie

Datum laatste actualisatie: 3 januari 2014

Expert: 
stest0865