Skip to Content

Wat is het effect van narcotische analgetica op de blaas?

Opiaten doen de gewaarwording van een volle blaas afnemen. Bovendien neemt de sfinctertonus toe en relaxeert de blaas. Globaal neemt de weerstand tot blaaslediging toe en treedt dus urineretentie op. De kans op urineretentie zou stijgen met de halfwaardetijd van het gebruikte opiaat. Ook de wijze van toediening zou een rol spelen. De risico's zijn in stijgende volgorde: orale toediening, intramusculaire/intraveneuze toediening, infusiepomp (patiƫnt gecontroleerde analgesie), epidurale toepassing.

Het gebruik van morfine om postoperatieve pijn te temperen is een bekende risicofactor voor post-operatieve urineretentie. Opiaten doen de gewaarwording van een volle blaas afnemen door een gedeeltelijke inhibitie van de parasympatisch bezenuwing. Ook is aangetoond dat de sfinctertonus toeneemt en de blaas relaxeert. Dit wordt toegeschreven aan een beïnvloeding van de sympathische activiteit. Globaal neemt de weerstand tot blaaslediging toe en treedt dus urineretentie op. Studies op dieren toonden, naargelang de dosis, een toename van 20 tot 65% aan van de blaascapaciteit na intraveneuze of intrathecale injecties van tramadol.

Er zijn aanwijzingen dat de kans op urineretentie gerelateerd zou zijn aan de halfwaardetijd van het gebruikte opiaat. Moeilijkheden bij het wateren zijn met quasi zekerheid te voorspellen bij gebruik van meperidine, een opiaat met een relatief hoge halfwaardetijd. Een vergelijkende studie wees uit dat met fentanyl,  een product met een kort halfleven, de kans op urineretentie lager is dan met morfine, dat een intermediaire werkingsduur vertoont.

Ook de wijze van toediening zou een rol spelen. Bij orale toediening blijken de risico's lager dan bij intraveneuze of epidurale toepassing. Bij een onderlinge vergelijking van intramusculaire toediening, epidurale toediening en een door de patiënt zelf gecontroleerde analgesie (infusiepomp) werd gemiddeld bij 23 % van de patiënten urineretentie vastgesteld. Epidurale toediening scoorde het hoogst: 29%. Diverse studies komen tot gelijkaardige vaststellingen waarbij de incidentie stijgt in de volgorde: intraveneus/intramusculair, patiënt gecontroleerde analgesie en tenslotte epidurale toediening.

Opioid gemedieerde depressie van de blaasmotiliteit kan worden tegengegaan door intraveneus naloxon, wat resulteert in stimulatie van de detrusorcontractie en sfincterrelaxatie. Aangezien tevens ook het analgetisch effect wordt tenietgedaan heeft naloxon geen nut om opiaat geïnduceerde urineretentie te bestrijden. Combinatie met NSAID's, gekoppeld aan een verlaging van de narcoticadosis maar met een gelijkblijvende analgetisch resultaat, is evenmin effectief gebleken. NSAID's vertonen  overigens zelf een verhoogd risico op urineretente, evenwel volgens een heel ander mechanisme, waarbij prostaglandine E2 betrokken is.

Referenties: 

[1] Elsamra SE, Ellsworth P., Effects of analgesic and anesthetic medications on lower urinary tract function.Urol Nurs. 2012 Mar-Apr;32(2):60-7;

Auteur:
Luc Leyssens

Datum laatste actualisatie: 23 december 2013

Expert: 
lucls5261