Skip to Content

Bepaalde dokters raden aan om intranasale corticosteroïden: op een bepaalde manier te verstuiven, vermoedelijk om atrofie van de slijmvliezen van het tussenschot te vermijden. De bijsluiters geven echter geen aanwijzingen hierover (oa Nasonex, Flixonase).

Een droog neusslijmvlies en neusbloedingen bij gebruik van nasale corticosteroïden worden toegeschreven aan hun vasoconstrictoractiviteit en verantwoordelijk gesteld voor uiterst zeldzame perforaties van het nasaal septum. Perforatie is waarschijnlijk het gevolg van onjuist gebruik, waarbij de patiënt herhaaldelijk tegen het septum verstuift. Bij langdurig gebruik is het daarom inderdaad goed te adviseren om van het neustussenschot weg te verstuiven.

Intranasale corticosteroïden veroorzaken in het algemeen weinig bijwerkingen: milde lokale bijwerkingen zoals irritatie komen (vooral bij het begin van de behandeling) bij 10% van de patiënten voor.

Bij 2% daarvan ziet men een droog neusslijmvlies en neusbloedingen.  Dit effect wordt toegeschreven aan de vasoconstrictoractiviteit  van corticosteroiden en wordt verantwoordelijk gesteld voor het uiterst zeldzaam optreden perforatie van het nasaal septum (tussenschot ). Adviseer bij lokale irritatie en bloederige afscheiding enkele dagen te stoppen met de corticosteroïdneusspray.  Dosisvermindering of overgaan op een andere corticosteroïdneusspray kan een oplossing zijn.

De zeldzame neusperforatie is waarschijnlijk het gevolg van onjuist gebruik, waarbij de patiënt herhaaldelijk tegen het septum verstuift. Adviseer daarom om van het septum weg te verstuiven.

Ook contactallergie is mogelijk, meestal bij langdurig gebruik, maar in een aantal gevallen treedt sensibilisatie al enkele dagen na het begin van de behandeling op. Overweeg contactallergie als de rhinitisklachten verergeren door gebruik van een corticosteroïdneusspray en eczeem rond de neusgaten optreedt.

Referenties: 

[1] Sachs APE, Berger MY, Lucassen PLBJ, Van der Wal J, Van Balen JAM, Verduijn MM., NHG-Standaard Allergische en niet-allergische rhinitis (Eerste herziening),  Huisarts Wet 2006;49(5);254-65.

[2] Salib RJ, Howarth PH., Safety and tolerability profiles of intranasal antihistamines and intranasal corticosteroids in the treatment of allergic rhinitis, Drug Saf. 2003;26(12):863-93.

[3] Anonymous, Nasal corticosteroid sprays, MedlinePlus, geraadpleegd p 8/10/2013

Auteur:
Luc Leyssens

Datum laatste actualisatie: 8 oktober 2013

Expert: 
lucls5261