Skip to Content

Was is het werkingsmechanisme van geslachtshormonen (bv. megace) bij uitgezaaide borstkanker?

Progestagenen inhiberen de activiteit van de hypothalamo-hypofysaire as en hebben via die weg een antigonadotrope werking. De inzet van progestagenen bij gemetastaseerde borstkanker past echter in een stappenplan, waarvan het verloop van patiënt tot patiënt zal verschillen. Endocriene therapie, waarbij progestagenen pas in een latere fase aan de orde kunnen zijn, kan ervoor zorgen dat chemotherapie voor soms lange tijd kan uitgesteld worden terwijl een optimale levenskwaliteit toch behouden blijft.

Werking

Progestagenen inhiberen de activiteit van de hypothalamo-hypofysaire as (zie schema) en hebben via die weg een antigonadotrope werking [1]. De inzet van progestagenen bij gemetastaseerde borstkanker past uiteraard in een stappenplan, waarvan het verloop van  patiënt tot patiënt zal verschillen.  

Schema: productie van geslachtshormonen en interventies om de beschikbaarheid ervan op tumorniveau te verminderen (Beex, 2005 uit IPSA-cyclus Oncologie 2006).

Verdieping: aanpak van gemetastaseerde borstkanker

Volgende passage uit de syllabus "Borstkanker en Prostaatkanker" van de  IPSA-cyclus Oncologie verduidelijkt de aanpak van gemetastaseerde borstkanker en de plaats van progestagenen daarin.

Wanneer er eenmaal metastasen zijn opgetreden, is er sprake van een niet te genezen ziekte en is het doel van een eventuele behandeling een zo goed mogelijk palliatie te bewerkstelligen, gericht op levensverlenging met goede kwaliteit van leven. De mediane overleving is ongeveer twee jaar, gerekend vanaf het manifest worden van de metastasen, maar een aanzienlijk percentage (±30%) is na vijf jaar in leven en zo’n 10% na tien jaar. Vooral bij patiënten met hormoonreceptor-positieve tumoren is deze kans reëel aanwezig.

De palliatieve behandelingsmogelijkheden bestaan uit radiotherapie, chirurgie, hormonale therapie en chemotherapie, naast een optimaal gebruik van analgetica en andere ondersteunende medicatie.

Een enkele maal wordt metastasering slechts op één plaats aangetoond en kan men een lokale behandeling overwegen. Veelal is de ziekte echter reeds op meerdere plaatsen aanwezig en is een medicamenteuze behandeling aangewezen. De selectie van de behandeling is gebaseerd op het al of niet aanwezig zijn van hormoonreceptoren (oestrogeenreceptoren - ER, progestageenreceptoren - PgR) , de progressiesnelheid van de ziekte, de leeftijd, de menopauzale status, het ziektevrij interval, en de conditie van de patiënt.

Hormonale therapie heeft altijd de voorkeur bij tumoren met expressie van hormoonreceptoren en waarbij men de tijd heeft het effect van deze therapie af te wachten. Dit is b.v. niet het geval bij levensbedreigende snel progressieve levermetastasering, snel progressieve intra-abdominale viscerale metastasering met ascites of lymphangitis carcinomatosa van de longen. In die gevallen geeft men de voorkeur aan chemotherapie, omdat daarmee sneller een effect kan worden bereikt. In geval de ER en PgR beiden negatief zijn is de kans dat de ziekte op een hormonale therapie reageert uiterst klein (< 10%) en is een behandeling met chemotherapie vaak eerste keus.

Bij postmenopauzale vrouwen gaat voor de eerstelijns hormonale therapie de voorkeur uit naar een van de moderne selectieve aromataseremmers (anastrozol, letrozol, exemestan). Na een initiële respons kunnen bij terugval andere vormen van endocriene therapie overwogen worden, zoals tamoxifen (of andere “selective estrogen receptor modulators’ : SERMs), hoge doses progestativa (zoals b.v. medroxyprogesteron acetaat of megestrolacetaat), hoge doses oestrogenen (zoals b.v. ethinylestradiol of diethylstibestrol), hoge doses corticosteroïden en androgenen.

Bij premenopauzale vrouwen bestaat de eerste keus uit een uitschakeling van de eierstokken (heelkundig door ovariëctomie of chemisch door LHRH agonisten), bij voorkeur in combinatie met tamoxifen. Na een respons kunnen bij herval andere therapieën overwogen worden, zoals aromataseremmers (mogelijk na ovariëctomie of samen met LHRH agonisten), progestativa en androgenen. Zowel bij post- als bij premenopauzale vrouwen kunnen meerdere hormonale therapieën elkaar opvolgen en hebben patiënten op die wijze gedurende enkele jaren een goede kwaliteit van leven met een minimum aan symptomen en bijwerkingen. In geval de hormonale therapieën niet (meer) aanslaan, er een snel progressief ziekteproces bestaat, een kort ziektevrij interval of er is sprake van een jonge patiënt met een hormoonreceptor-negatieve tumor zal eerder chemotherapie overwogen worden [2].

Een endocriene therapie, totdat ook hier de metastasen niet meer op reageren, zorgt ervoor dat chemotherapie voor soms lange tijd kan uitgesteld worden terwijl een optimale levenskwaliteit toch behouden blijft [3].

Referenties: 

[1] Farmamozaïek , progestagenen, geraadpleegd op 29 augustus 2013

[2] J.B. Vermorken, Borstkanker en Prostaatkanker, IPSA-cyclus oncologie 2006

[3] T. Jolly, G. R. Williams, E. Jones, H.B. Muss, Treatment of Metastatic Breast Cancer in Women Aged 65 Years and Older: Selecting Therapy & Predicting Toxicity, Medscape Pharmacists Education , geraadpleegd op 29 augustus 2013

Auteur:
Luc Leyssens

Datum laatste actualisatie: 30 augustus 2013


Uw basiskennis opfrissen met Farmamozaïek?

Zie volgend(e) onderwerp(en): Progestagenen

Expert: 
lucls5261