Skip to Content

Patiënte kan niet blijven in rustoord en zal intrekken bij dochter. Ze is echter draagster van ESBL in de stoelgang. De dochter vraagt wat de te nemen voorzorgsmaatregelen zijn naar direct contact, verzorging,...

Dragerschap op de handen van het personeel en rechtstreeks contact met besmet verzorgingsmateriaal zijn de frequentste overdrachtswegen van ESBL-bacteriën. Vooral contact met urine is risicovol. Zorgwerkers dienen handschoenen en een schort te dragen bij direct contact met urine of een katheter en bij contact met wonden en lichaamsvloeistoffen van ESBL-positief bevonden patiënten. Speciale aandacht wordt gevraagd voor de locatie waar ESBL gekweekt is. Indien dit uit een wond, katheter, of stoma is dan is verscherpte hygiëne bij de verzorging daarvan van belang.

Overdracht

Breed-spectrum bèta-lactamasen (ESBL – Extended Spectrum BetaLactamase) zijn enzymen die door Gram-negatieve bacteriën worden geproduceerd. Zij kunnen bepaalde antibiotica afbreken en onwerkzaam maken (zoals bv. cefalosporines, penicillines en monobactams) tegen de bacteriën die deze enzymen produceren. De productie van beta-lactamasen is  in de natuur al heel lang bekend.  Het massief gebruik van bètalactamantibiotica, zeker vanaf de invoering van breedspectrum cefalosporines begin jaren ‘80, heeft voor diversificatie en uitbreiding gezorgd, waardoor ESBL producerende bacteriën zich hebben verspreid binnen de verschillende soorten. Op dit ogenblik zijn er meer dan 200 types ESBL geïdentificeerd.

ESBL-bacteriën zijn vooral ziekenhuisbacteriën omwille van het resistentieprobleem. Ze worden samen met o.a. MRSA tot de multiresistente bacteriën (MRB’s) gerekend. Het probleem blijft evenwel niet beperkt tot het ziekenhuis. MRB's, verworven tijdens een ziekenhuisverblijf, kunnen na het ontslag blijven bestaan. Door kruisoverdracht via zorgverleners kunnen ze vervolgens bij ambulante zorgverlening overgedragen worden naar mensen die geen rechtstreeks contact met een verzorgingsinstelling hebben gehad. De professionele thuiszorgverleners spelen bijgevolg een essentiële rol in het al dan niet beheersen van de verspreiding van deze MRB in de gemeenschap.

ESBL wordt niet aerogeen overgedragen, maar via direct contact. Dragerschap op de handen van het personeel en rechtstreeks contact met besmet verzorgingsmateriaal zijn de frequentste overdrachtswegen. Vooral contact met urine is risicovol. Zorgwerkers dienen handschoenen en een schort te dragen bij direct contact met urine of een katheter en bij contact met wonden en lichaamsvloeistoffen van ESBL-positief bevonden patiënten. Speciale aandacht wordt gevraagd voor de locatie waar ESBL gekweekt is. Indien dit uit een wond, katheter, of stoma is dan is verscherpte hygiëne bij de verzorging daarvan van belang.

Voor gezonde mensen zijn ESBL-producerende bacteriën niet gevaarlijk. Echter, voor mensen die een infectie hebben – bijvoorbeeld een simpele urineweginfectie – en daarvoor behandeld moeten worden, kan het de behandeling bemoeilijken.  Gezonde gezinsleden, die een geïnfecteerd familielid verzorgen hebben er dus niet zoveel last van. Ze komen ook niet in contact met andere patiënten, maar meestal wel met een professionele thuisverzorger die hen eventueel bijstaat . Voorzichtigheid blijft dus geboden.

Er bestaan zeer gedetailleerde richtlijnen voor verzorgingsinstellingen en ziekenhuizen, opgesteld door de  Belgian Infection Control Society. We haalden er de elementen uit die voor de thuissituatie van toepassing zijn.

Algemene voorzorgsmaatregelen

Om overdracht en verspreiding van microorganisme te voorkomen en tevens de zorgverstrekker te beschermen, zijn minimale, algemeen geldende  voorzorgsmaatregelen bij iedere patiënt noodzakelijk.

  • elke zorgverstrekker ontsmet vóór en na elk contact met de patiënt de handen met handalcohol;
  • zichtbaar vuile handen worden eerst gewassen met water en zeep en gedroogd vooraleer ze in te wrijven met handalcohol;
  • rechtstreeks contact met bloed of lichaamsvochten van de patiënt  moeten vermeden worden; niet-steriele handschoenen, een beschermjas en eventueel een masker zijn daarbij uitstekende hulpmiddelen;
    • niet-steriele handschoenen: handen ontsmetten voor en na het dragen van handschoenen!
    • beschermjas met lange mouwen: een beschermjas voor éénmalig gebruik en specifiek gereserveerd voor de verzorging van één patiënt zou het beste zijn. In geval van gebruik van een linnen jas, wordt die vervangen zodra bevuild. De beschermjas bevindt zich aan de ingang van de kamer en wordt dus aangetrokken vooraleer de kamer binnen te gaan, indien men rechtstreeks contact van de werkkledij met de patiënt of zijn omgeving voorziet. Bij het verlaten van de kamer is de wijze van het uittrekken van de persoonlijke beschermingsmiddelen en vooral de volgorde zeer belangrijk om contaminatie van de handen of van de werkkledij te voorkomen. Het uittrekken van de beschermjas en handschoenen wordt gevolgd door een ontsmetting van de handen met handalcohol.
    • dragerschap van ESBL-positieve enterobacteriën in de luchtwegen geen indicatie voor het dragen van een masker. Een masker is wel aanbevolen wanneer er kans is op ophoesten van secreties door de patiënt, niet voor routineverzorging.
  • maximale maatregelen dienen te worden genomen om prik- en snijongevallen te voorkomen.

Deze aanpak dient eveneens te worden toegepast in een ruimer kader zoals bij de behandeling van linnen, het verwijderen van verzorgingsafval en de dagelijkse schoonmaak van oppervlakken die frequent worden aangeraakt in de kamer.

De maatregelen dienen ook toegepast te worden door personen die niet onmiddellijk met de zorg zijn betrokken, maar die met meerdere patiënten in contact komen (vrijwilligers, bedienaren van erediensten, diëtisten, maatschappelijk werkers, …).

Dieper gaande praktische details in verband met de werkwijze bij handhygiëne, het gebruik van handschoenen en maskers zijn beschreven in de "Aanbevelingen i.v.m. de infectiebeheersing tijdens de verzorging buiten de verzorgingsinstellingen (thuisverzorging en/of op een kabinet)" van de Hoge Gezondheidsraad.

Andere voorzorgen

Het neerzetten van een maaltijdplateau in de kamer vergt geen bijzondere maatregelen op voorwaarde dat men geen enkele andere handeling uitvoert in de kamer (vb. helpen van de patiënt om zich te installeren voor het nuttigen van zijn maaltijd, het positioneren van het blad van het nachtkastje). De handen nadien ontsmetten met handalcohol blijft noodzakelijk!

Bij de schoonmaak is er geen rechtstreeks contact met de patiënt, maar wel met zijn potentieel gecontamineerde omgeving. Het dragen van niet-steriele handschoenen en een beschermjas is daarom aanbevolen, alsook uiteraard verwijderen van handschoenen en ontsmetten van handen bij het verlaten van de kamer. Als er meerdere kamers worden gekuisd, wordt de kamer van de besmette patiënt als laatste aangepakt.

Het merendeel van het verzorgingsafval van een ESBL-positieve patiënt zal kunnen worden beschouwd als “niet-risicohoudend medisch afval". Het risico is onbeduidend in termen van volksgezondheid.

Medische hulpmiddelen zoals thermometer, knelband, bloeddrukmeter, … worden voorbehouden voor de patiënt en blijven best in de kamer. Ze moeten nadien grondig worden gedesinfecteerd met een (liefst alcoholisch) middel voor medische apparatuur, vooraleer te herbruiken voor een andere persoon.

Voorraden van verzorgingsmateriaal voor eenmalig gebruik stockeert men best buiten de kamer.

Bezoekers dienen hun handen te ontsmetten met handalcohol vooraleer de kamer te verlaten.

Bij transport in bed is handhygiëne voor en na het transport vereist. Indien transport in een (rol)stoel dient men erop toe te zien dat de (rol)stoel bedekt is met een doek en dat de plaatsen die de patiënt met de handen heeft aangeraakt, ontsmet worden.

Het verlaten van de kamer dient beperkt te worden, gezien het gebrek aan controle op de activiteiten en op de omgang met andere personen. Indien de patiënt zijn kamer mag verlaten, dient hij zijn handen te ontsmetten vooraleer de kamer te verlaten.

Referenties: 

[1] Belgian Infection Control Society (BICS), Detectie, surveillance, preventie en beheersing van de overdracht van ESBL-producerende enterobacteriën, Richtlijnen, Antwoorden op 60 praktische vragen, versie 21/07/2008.

[2] Aanbevelingen i.v.m. de infectiebeheersing tijdens de verzorging buiten de verzorgingsinstellingen (thuisverzorging en/of op een kabinet), December 2008, Publicatie van de Hoge Gezondheidsraad nr. 8279.

[3] Het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid: www.zorginfecties.be

[4] Is een patiënt met ESBL in thuiszorg of verzorgingshuis een probleem? (11.05.2010), Zorg Infectie Preventie-net.

Auteur:
Luc Leyssens

Datum laatste actualisatie: 8 november 2012

Expert: 
lucls5261