Skip to Content

waarom is Ferrograd, Ferricure voorschriftplichtig en Bio-fer niet voorschriftplichtig? Wat zijn de schadelijke effecten van ijzerinname, naast de gekende nevenwerkingen zoals constipatie, maaglast ea?

Uit het Koninklijk besluit van 25 april 1990 betreffende het in de handel brengen van nutriënten en van voedingsmiddelen die nutriënten bevatten kunnen we besluiten dat ijzernutriënten in de handel mogen worden gebracht op voorwaarde dat de dagelijkse in te nemen hoeveelheid van het product niet hoger is dan 200% van de aanbevolen dagelijkse dosis.

VOORSCHRIFTPLICHT

 
Biofer Unda is een voedingssupplement met volgende samenstelling :
 
Geraffineerde zonnebloemolie, ijzer (II)-L-pidolaat, gelatine, glycerol, vitamine C (L-ascorbinezuur), gezuiverd water, verdikkingsmiddel, gehydrogeneerde sojaolie, emulgator, sojalecithine, kleurstoffen, ijzeroxiden, foliumzuur.

waarbij 1 capsule 14mg ijzer (100%ADH), 25mg vitamine C (31%ADH)en 400µg foliumzuur (200%ADH) bevat. (6)

 
Ferricure® en Fero-grad® zijn geregistreerde geneesmiddelen met volgende samenstelling :
Ferricure® : Ijzerpolysacharaat complex caps 326 mg (bevat 150 mg Fe+++)
Fero-grad® : IJzersulfaat 7H2O 525 mg en vitamine C 500 mg, vertraagde vrijstelling (bevat 105mg Fe++) (4)
 
Uit het Koninklijk besluit van 25 april 1990 betreffende het in de handel brengen van nutriënten en van voedingsmiddelen die nutriënten bevatten kunnen we besluiten dat ijzernutriënten in de handel mogen worden gebracht op voorwaarde dat de dagelijkse in te nemen hoeveelheid van het product niet hoger is dan 200% van de aanbevolen dagelijkse dosis. Voor ijzer bedraagt de aanbevolen dagelijkse dosis 10mg. M.a.w. als het product maximum 20mg/dagdosis ijzer bevat, kan het als nutriënt op de markt gebracht worden. Biofer bevat 14mg per capsule en voldoet hierbij aan de voorwaarden om als nutriënt op de markt te zijn. (3)
 
Ferricure® en Fero-grad® bevatten respectievelijk 150mg Fe+++ en 105mg Fe++, beduidend hogere doses dan de dosis in Biofer.
Toediening van ijzer als tonicum of in de behandeling van een niet-gediagnosticeerde anemie is niet te rechtvaardigen. Anemie (tekort aan erythrocyten of een te laag gehalte aan hemoglobine of beide) kan het gevolg zijn van een tekort aan ijzer, vitamine B12 en/of foliumzuur. Na opname in het plasma bindt ijzer aan transferrine en gaat voor het grootste deel naar het beenmerg waar het transferrine-ijzer complex geïncorporeerd wordt in het hemoglobinemolecuul. Een tekort aan ijzer resulteert in een microcytaire anemie (kleine erythrocyten) met onvoldoende hemoglobine, ook genoemd ferriprieve anemie of ijzergebreksanemie.
Een tekort aan vitamine B12 en/of foliumzuur kan ook aanleiding geven tot anemie, met name megalobastische anemie. Het gaat hier om een macrocytaire anemie (grote erythrocyten). Een tekort aan vitamine B12 kan veroorzaakt worden door een te lage inname, bvb. vegetariërs maar is hoofdzakelijk te wijten aan een verlaagde opname van vitamine B12. De oorzaak van deze gedaalde opname is meestal te wijten aan pernicieuze anemie, dit is een tekort aan intrinsic factor door gastrische atrofie. Intrinsic factor is een belangrijke factor voor de opname van vitamine B12 in de dunne darm. Een megaloblastische anemie door een tekort aan vitamine B12 gaat gepaard met neurologische verschijnselen (o.a. paresthesieën). Een tekort aan foliumzuur geeft ook aanleiding tot een megaloblastische anemie maar heeft geen neurologische gevolgen.
Toedienen van ijzer bij patiënten met anemie door een vitamine B12 of foliumzuur tekort kan een megaloblastische anemie maskeren. Het aantal erythrocyten zal toenemen maar zal de neurologische verschijnselen (bij vitamine B12 tekort) niet oplossen. (1, 5)
 
Uit het voorgaande is het wellicht te begrijpen dat het geen zin heeft om ijzer toe te dienen of mee te geven met patiënten waarvan we niet weten welke soort anemie ze al dan niet hebben. Het is aan de arts om te bepalen of er sprake is van anemie, over welke anemie het gaat en welk tekort aan de basis ligt van de anemie. Enkel bij vaststelling van ferriprieve anemie heeft het zin om ijzersupplementen toe te dienen.
 
NEVENWERKINGEN
 
Orale ijzer- of ferrozouten zoals ferrosulfaat, geven in een dosering overeenkomend met 100 mg ijzer per dag weinig aanleiding tot klachten.
Gastro-intestinale verschijnselen worden waarschijnlijk veroorzaakt door niet-geresorbeerd ijzer in de maag (misselijkheid, pijn) of in de darm (diarree of obstipatie). Vaak liggen te hoge doses aan de basis van de klachten. Bij patiënten met organische vernauwingen in het maag-darmkanaal (tumoren en ontstekingen) kan de inerte, poreuze plastic matrix van de tablet met vertraagde vrijstelling obstructieverschijnselen en ileus veroorzaken. Bij patiënten met divertikels in maag en dunne darm kunnen ter plaatse stagnerende tabletten in zeldzame gevallen perforatie van het divertikel veroorzaken.
De claim dat bij gebruik van een bruistablet minder bijwerkingen in het maag-darmkanaal optreden, is (nog) niet bewezen door vergelijkend onderzoek met andere toedieningsvormen.
De feces worden bij gebruik van ijzerpreparaten zwart gekleurd. Vloeibare preparaten en bruistabletten kunnen een verkleuring van het gebit veroorzaken.
 
Acute ijzerintoxicatie kan voorkomen bij kinderen; meestal na het innemen van grote hoeveelheden van een ijzerpreparaat, maar ook na gebruik van slechts enkele tabletten (door beschadiging van het darmepitheel, waardoor de barrière wordt doorbroken). Bij acute ijzerintoxicatie kunnen braken, diarree, buikpijn, maag-darmbloedingen, cardiovasculaire collaps, krampen en coma de symptomen zijn.
 
Chronische ijzerintoxicatie (hemochromatose) komt uitsluitend voor bij parenterale toediening bij overschrijding van de maximale dosering.
Bij intraveneuze toediening van ijzer kunnen systemische bijwerkingen optreden zoals smaakverandering, hoofdpijn, 'flushes', duizeligheid, zweten, misselijkheid, braken en pijn op verschillende plaatsen in het lichaam. Incidenteel kunnen urticaria, ernstige cardiale bijwerkingen en anafylactische reacties optreden. Daarnaast kan lokaal tromboflebitisoptreden.
Bij intramusculaire inspuitingen zijn pijn en irreversibele bruinverkleuring van de huid op de plaats van inspuiting mogelijke nevenwerkingen. (2, 4)
Referenties: 

 

 
  1. Farmamozaïek. Trefwoord “ijzer” via www.ipsa.be geraadpleegd op 19 oktober 2010.
  2. Farmacotherapeutisch Kompas : http://www.fk.cvz.nl/ geraadpleegd op 19 oktober 2010.
  3. Het Apothekersblad 8-9/1990. Nutriënten. Koninklijk besluit van 25 april 1990 betreffende het in de handel brengen van nutriënten en van voedingsmiddelen die nutriënten bevatten.
  4. Gecommentarieerd Geneesmiddelenrepertorium geraadpleegd via www.bcfi.be op 19 oktober 2010.
  5. Masters Susan B. Agents used in anemias; Hematopoietic Growth Factors. In Basic & Clinical Pharmacology Lange ninth edition, Lange Medical Books/McGraw-Hill, 2004; 529-542.
  6. www.christophar.com geraadpleegd op 19 oktober 2010.

 

 

AUTEUR

Apr. Valérie De Vries

KUL

Expert: 
gela0007